Vrijstellingsdrempel 2026: 1.050 € per persoon per jaar voor gereglementeerde spaarrekeningen (eerste en tweede pijler samengevoegd sinds 2024). Daarboven, of voor elke niet-gereglementeerde rekening: voorheffing van 30 %. Sommige staatsobligaties of oude kasbons genieten specifieke regimes (15 %).